- 01. Is al het geld nu besteed?
-
Per 31 december 2007 zijn alle fondsen die geworven zijn op giro 555 voor de slachtoffers van de tsunami toegewezen aan projecten, overgemaakt en besteed.
- 02. Hoeveel mensen zijn er geholpen?
-
Het is reëel om te zeggen dat in de noodhulpfase een miljoen mensen bereikt zijn en in de wederopbouwfase drie miljoen mensen op enige manier steun hebben gekregen met gelden van giro 555. Het is altijd lastig om precies aan te geven hoeveel mensen er geholpen zijn. De hulp kan variëren van een inenting tot een nieuw huis en is dus niet zo maar bij elkaar op te tellen. Ook hebben veel mensen hulp gekregen van verschillende organisaties.
- 03. Waar is het geld aan uitgegeven?
-
In de eerste (noodhulp) fase is er vooral geld gegaan naar levensreddende hulp. Voedsel, water, eerste medische hulp. In de wederopbouwfase is er veel geld gegaan naar de bouw van huizen. Maar er zijn ook scholen en klinieken hersteld of nieuw gebouwd. Er zijn boten, leningen, zaaigoed, bouwmaterialen en kleinvee uitgedeeld. Op de websites van de deelnemende organisaties staat, in hun eigen deelrapportage, precies waar het geld aan uitgegeven is.
- 04. Is de wederopbouw nu voltooid?
-
De wederopbouw zal nog vele jaren duren. De SHO hebben afgesproken dat zij de gelden van giro 555 binnen drie jaar besteden. De SHO richten zich vooral op noodhulp en eerste fasen van wederopbouw. Sommige SHO-leden zullen ook na die drie jaar met structurele programma’s actief blijven in de getroffen gebieden.
- 05. Waarom duurde alles zo lang?
-
Wederopbouw is een proces van lange adem. De verwoesting die de tsunami aanrichtte was enorm en besloeg een ontzettend groot gebied. In vergelijking; het gaat om een stuk kust van Noorwegen tot het zuidelijkste punt van Spanje. Het is onmogelijk om een land geheel weer op te bouwen in een jaar. Denk aan de wederopbouw na de oorlog in Nederland, of aan de door de vuurwerkramp getroffen wijk in Enschede, ook dat kostte jaren. Op sommige plekken is alles verwoest. Wederopbouw van infrastructuur kost veel tijd. Ook is het lastig om te bepalen wie recht heeft op welke grond. In de door de Tsunami getroffen gebied is heel hard gewerkt, maar een land als Sri Lanka bouwde voorheen 10.000 nieuwe huizen per jaar. Door de Tsunami zouden dat er nu 150.000 moeten zijn.
- 06. Heeft nu iedereen weer een dak boven zijn hoofd?
-
Ja, zover wij kunnen nagaan, heeft iedereen een dak boven zijn hoofd maar helaas zijn er nog wel steeds mensen die in een tijdelijk huis wonen. In Atjeh bleken bepaalde groepen lastig bereikbaar. Ze woonden afgelegen of bewoonden voor de tsunami een huurhuis. De eigenaren van die huizen streken de hulp op en de bewoners stonden met lege handen. Ook voor die groepen zijn nu projecten ontwikkeld.
In Sri Lanka heeft de opgelaaide burgeroorlog sommige tsunami-slachtoffers opnieuw op de vlucht gejaagd. De onveilige situatie in delen van het land heeft nieuwe noodhulp nodig gemaakt en huizenbouwprojecten stil gelegd.
- 07. Was er te veel geld voor de tsunami slachtoffers?
-
Nee er was niet te veel geld voor de tuanmi slachtoffers. Wederopbouw van zo’n groot gebied kost veel tijd en veel geld. Ook wegen, bruggen en spoorlijnen waren vernield. Denk maar aan de Betuwelijn, daar hebben we in Nederland meer dan tien jaar over gedaan en die heeft naar schatting 5 miljard euro gekost. De beelden en de omvang van de ramp hebben wel gezorgd voor een ongekend hoge opbrengst. Nog nooit is er zoveel geld opgehaald voor een SHO-actie.
- 08. Is de hulp wel bij de juiste mensen terecht gekomen?
-
De SHO-leden en gastleden doen er alles aan om te zorgen dat zij met hun projecten de juiste groepen bereiken. Speciale aandacht is er dan voor extra kwetsbare groepen zoals vrouwen die ineens hoofd van het gezin zijn geworden of de kastelozen in India.
- 09. Hoe is de verdeling per land?
-
De verdeling van de gelden ziet er procentueel als volgt uit:
Indonesië 48%
Sri Lanka 35%
India 15%
- 10. Waarom is er zo weinig uitgegeven in Thailand?
-
Hoewel we op televisie juist heel veel beelden van Thailand hebben gezien was de schade in Thailand, in verhouding tot bijvoorbeeld Indonesië, veel minder groot. De Thaise overheid gaf ook al snel aan de slachtoffers zelf te willen en kunnen helpen. De SHO leden hebben voornamelijk hulp gegeven aan die groepen die niet in aanmerking kwamen voor hulp van de overheid zoals de, vaak illegale, Birmese migranten.
- 11. Hoe zit het met externe financiële en inhoudelijke controle?
-
De SHO wil transparant zijn en verantwoording afleggen, vandaar de gezamenlijk rapportages en de vernieuwde website (www.giro555.nl). Daarnaast is besloten een Commissie van Toezicht in te stellen. Deze commissie onder leiding van voorzitter Henk Koning, oud-voorzitter van de Algemene Rekenkamer en voorzitter van het Nationaal Rampenfonds, zal kritisch toezicht houden op de inhoud en wijze van rapporteren van de SHO als collectief. Door gerenommeerde externe accountants is een financieel reglement opgesteld. U kunt die vinden op deze website.
- 12. Wat is 6% AKV?
-
AKV staat voor Apparaats Kosten Vergoeding. Volgens afspraak binnen de SHO mogen de kosten die per organisatie gemaakt worden voor monitoring, uitvoering en coördinatie van de projecten vanuit Nederland niet hoger zijn dan 6%. Alle kosten die in het getroffen gebied gemaakt worden voor de uitvoering en coördinatie van alle hulp vallen onder de rubriek projectgeld.
- 13. Vertrekken alle SHO leden per 31 december uit de getroffen gebieden?
-
Nee. Het geld dat is binnengekomen op giro 55 voor de tsunami slachtoffers moest binnen 3 jaar besteed worden maar ook voor die tijd waren er al organisaties in de gebieden actief en ook na 31 december zullen enkele leden en gastleden in de landen werkzaam blijven.